Alles voor
fruitteelt
en landbouw!
NL | FR
Producten

Goëmar-B: optimale vruchtzetting via activatie van bloeihormonen

Polyamines zijn moleculen die hormonale eigenschappen bezitten in planten. Zij worden geproduceerd tijdens bepaalde ontwikkelingsfasen van de plant en spelen een belangrijke rol bij bloeminductie, de bloei en vruchtzetting/ontwikkeling. Goëmar-B (erkenningsnummer 6891/B) beïnvloedt de synthese van deze moleculen en induceert in de plant een kunstmatige verhoging van het polyaminegehalte. Een verhoging van het polyaminegehalte resulteert in een verbeterde vruchtzetting die in relatie staat met de draagkracht van de plant. Het eindresultaat van het inzetten van Goëmar-B is een verbeterde vruchzetting en vruchtmaatsortering bij appel en peer. Dit resultaat is onafhankelijk van het al dan niet uitvoeren van chemische dunning. 

Polyamines: rol en functie in de plant

grafiek evolutie polyamine-gehaltePolyamines worden in alle cellen teruggevonden en niet alleen bij planten, maar ook bij dieren en de mens. De voornaamste functie van de polyamines is te zorgen dat in stresssituaties cellen blijven werken. Dit is echter niet de enige functie van de polyamines. Zo is bijvoorbeeld aangetoond dat het polyamine spermidine kan gelinkt worden met bloeiinductie. Het polyamine putrescine maakt dan weer een plant 'voorzichtiger' nadat deze een stresssituatie heeft doorstaan. In steeds meer planten worden veranderingen in de polyamineconcentratie gekoppeld aan veranderingen in de morfologie van de plant, in het bijzonder vruchtzetting en ontwikkeling. De fruitgewassen waar deze link reeds werd aangetoond zijn druif, appel, mango, abrikoos en noot.

Goëmar-B en de inductie van polyamines

De rol van polyamines bij vruchtzetting en de beïnvloeding van dit proces door de algenfiltraten van Goëmar-B werd het eerst onderzocht bij druiven. Een Franse onderzoeksgroep toonde aan dat een verhoogd polyaminegehalte gerelateerd kan worden met een verbeterde vruchtzetting bij druif.  Het algenfiltraat van Goëmar-B beïnvloedt dit proces.  Na toepassing van het filtraat wordt een verhoging van het polyaminegehalte waargenomen in de druiven.  Deze geïnduceerde verhoging resulteert in een verbeterde vruchtzetting bij druiven.  Na deze vaststelling werd een vergelijkbare analyse verricht op appel.  Niet alleen de link tussen polyamines en vruchtzetting werd bevestigd in appel, maar ook hier kon de werking van het Goëmar-B-extract verklaard worden door een verhoging van het polyaminegehalte.

Goëmar-B effect op vruchtzetting, vruchtdunning en vruchtmaat

grafiek vruchtmaatsortering bij appelIn de periode 2003-2006 werd een grootschalig onderzoek uitgevoerd naar het effect van Goëmar-B op appel. In 22 proeven werd telkens éénzelfde vergelijking gemaakt: het schema van de teler met en zonder Goëmar-B. 3 l/ha Goëmar-B werd toegepast vlak voor de bloei, tijdens de bloei alsook bij einde bloei. Alle andere behandelingen, inclusief de behandeling uitgevoerd voor het dunnen van de vruchten, waren dezelfde als in het andere deel van de boomgaard dat geen Goëmar-B-behandeling onderging. Het doel van deze proeven was een evaluatie van de betrouwbaarheid van het effect van Goëmar-B op vruchtzetting en dunning. In elke proef werden daarvoor 100 bloemclusters per object gemarkeerd en opgevolgd vanaf het begin van de vruchtzetting. Daarnaast werden ook de oogstgegevens geanalyseerd.
In deze proeven, die voornamelijk uitgevoerd werden op gala- en goldenvariëteiten, werd een zeer belangrijk verschil waargenomen bij de ontwikkeling van de dominante vruchten in de clusters. Op het einde van de rui was het aantal clusters waar enkel de dominante vrucht was overgebleven gestegen van 33,8% naar 45%. Dit betekent een toename van 50% van alleenstaande vruchten na toepassing van Goëmar-B. Het resultaat van deze belangrijke extra vruchtval was 12% minder vruchten in de Goëmar-B behandelde percelen op het einde van de rui.
Er werd bij bovenstaande proeven een intermediaire meting gedaan van de dominante vruchten vlak na het uitvoeren van de chemische dunning. Bij het standaardschema werd op dat moment een gemiddelde vruchtmaat waargenomen van 15,3 mm ten opzichte van 16 mm in de Goëmar-B behandelde. Dit is het resultaat van een vroegere suppressie van de impact die kleinere vruchten hebben op de voeding en groei van de grotere vruchten. Het voordeel behaald in het begin van de vruchtzetting vertaalt zich in een betere maatsortering bij de oogst. 10% winst werd geobserveerd bij het fruit groter dan 70 mm en deze winst bestaat vooral uit een toename van de appels met maat 70/75.
grafiek vruchtmaatsorting en opbrengst bij peer

Het voorbije decennium werden ook vergelijkbare proeven uitgevoerd op peer.  In België was het de afdeling pomologie van pcfruit die proeven uitvoerde op Conference en Beure Hardy. Meer recentelijk werd het onderzoek op Conference nogmaals overgedaan in Polen. De resultaten bij deze proeven kwamen in grote lijnen overeen met de resultaten bekomen bij appel. De toepassing van Goëmar-B resulteert ook bij peer in een groter gemiddeld vruchtgewicht en een betere maatsortering.

HERMOO Belgium NV
Brustem Industriepark, Lichtenberglaan 2045, B-3800 Sint-Truiden - KBO 0416.685.868 - RPR Antwerpen, afdeling Hasselt - e-mail: hermoo@hermoo.be, tel. 011 68 68 66  |  Disclaimer | Privacy verklaring  | Verkoopsvoorwaarden
Aanmelden © 2017 Hermoo